Media

Media 

Woonwagenzaak? Liever niet, zeggen advocaten

Publicatie 19 december 2025                                                    Redactie woonwagenmedia

Voor woonwagenbewoners is het vinden van een advocaat geen luxe, maar een noodzaak. Gemeenten en overheden schenden volgens belangenorganisaties, waaronder de landelijke woonwagen verenging De Rolleman, structureel hun rechten: het tekort aan standplaatsen, het uitsterfbeleid en de voortdurende conflicten over huisvesting maken juridische bijstand onmisbaar. Toch blijkt die bijstand vrijwel onbereikbaar.




Wie een advocaat zoekt, stuit op gesloten deuren. Kantoren wijzen dossiers af omdat ze te complex zijn of te weinig opleveren. De verwevenheid van huurrecht, bestuursrecht en mensenrechten vraagt om specialistische kennis van de woonwagencultuur, kennis die nauwelijks aanwezig is. "Ik moest mijn eigen advocaat uitleggen wat een standplaats betekent," zegt een bewoner. "Hoe kun je dan verwachten dat hij mijn rechten verdedigt?"

De vergoedingen voor gesubsidieerde rechtsbijstand zijn laag en de dossiers omvangrijk. Advocaten die zich er toch aan wagen, merken dat de beroepsgroep weinig steun biedt. 

"Collega's vinden je naïef of roekeloos," zegt een advocaat. "En rechters laten je voelen dat je beter je mond kunt houden."

Het gevolg is dat zelfs moedige advocaten zich terugtrekken, waardoor bewoners zonder adequate verdediging tegenover de overheid staan.

Een handvol advocaten durft het nog aan: het verdedigen van woonwagenbewoners in complexe juridische procedures. Maar wie zich wél inzet, loopt al snel tegen muren op. Gebrekkige kennis van de woonwagencultuur, vooroordelen bij rechters en een beroepsgroep die liever zwijgt, maken dat zelfs moedige advocaten hun cliënten niet volledig kunnen bijstaan.

"Je leest de vooroordelen in de uitspraken en je ziet ze in de ogen van de rechter," zegt een advocaat die anoniem wil blijven. "Maar als ik dat hardop zeg, wordt het gezien als een aanval op de rechtspraak. Dan verlies ik mijn geloofwaardigheid — en daarmee mijn cliënt."

Het gevolg: advocaten slikken hun kritiek in, laten structurele discriminatie onbesproken en trekken zich soms zelfs terug uit de zaak waardoor de woonwagenbewoner met lege handen staat.

Voor de woonwagenbewoners zelf betekent dit een constante bron van stress. Het idee dat je rechten worden geschonden, maar dat je geen advocaat kunt vinden om je te verdedigen, werkt verlammend. Veel families voelen zich ontmoedigd om überhaupt een rechtszaak te starten.

"Het lijkt erop dat het opzettelijk onmogelijk wordt gemaakt," zegt een vertegenwoordiger van De Rolleman. "Alsof men wil dat wij het opgeven."

De Nationale Ombudsman waarschuwde eerder dat bewoners structureel vastlopen in procedures, terwijl het College voor de Rechten van de Mens het uitsterfbeleid van gemeenten als discriminerend bestempelde. Toch blijft het in de rechtszaal stil.

De Volkskrant schreef ooit: "Als bij advocatenkantoren de moed verdwijnt, dan sterft de rechtsstaat." Voor woonwagenbewoners is dat sterven al voelbaar. Hun toegang tot rechtshulp is niet alleen beperkt, maar ook afhankelijk van advocaten die durven – en die vervolgens monddood worden gemaakt.

Er zijn signalen dat de Orde van Advocaten extra scherp toeziet op zaken waarbij woonwagenbewoners betrokken zijn. Een advocaat heeft in vertrouwen aan De Rolleman gemeld dat de Orde bij bepaalde kantoren langsgaat om de boekhouding te controleren. Daarbij zou specifiek worden nagegaan of cliënten uit woonwagenkampen hun eigen bijdragen wel hebben voldaan en of er geen sprake is van onregelmatigheden.

Officiële bevestiging ontbreekt, omdat advocaten hierover niet openlijk durven te spreken. Toch voedt dit bij De Rolleman het gevoel dat woonwagenbewoners onder een vergrootglas liggen en dat het systeem hen eerder wantrouwt dan beschermt. De betreffende advocaat gaf bovendien aan zich hierdoor ongemakkelijk te voelen en mede om die reden een verzoek van een woonwagenbewoner om juridische bijstand te hebben afgewezen.

Als afsluiting vertelde De Rolleman ook;

Er zijn ook klachten dat sommige advocaten zaken wel aannemen en de eigen bijdragen opstrijken, maar vervolgens nauwelijks iets met de zaak doen. Soms blijft de inzet uiterst beperkt. Er zijn zelfs gevallen waarin woonwagenbewoners volledig worden doodgezwegen wanneer zij contact opnemen met het advocatenkantoor om te vragen naar de status van hun zaak. Naar een andere advocaat uitwijken blijkt voor woonwagenbewoners vaak onbegonnen werk. 
In de praktijk kan er gesproken worden over fictieve rechtsbijstand. 

Disclaimer: De citaten in dit artikel zijn afkomstig van verschillende advocaten die in vertrouwen met De Rolleman spraken en anoniem wensen te blijven. Zij doen dit vanwege de risico's voor hun carrière en positie binnen de advocatuur. Het betreft persoonlijke ervaringen en waarnemingen, en moet als zodanig worden gelezen.

Auteur: Damian de Laat